‘Ik eet hetzelfde, beweeg zelfs méér… en toch kom ik aan.’
Voor veel vrouwen voelt de overgang als een soort lichaamsovername. Je slaapt slechter, je humeur wisselt sneller, je zweet op momenten dat je het níét kunt gebruiken… en alsof dat nog niet genoeg is, krijg je ineens een buikje dat maar niet weg wil. Hoe kan dat?
In deze blog neem ik je mee in wat er fysiek in je lichaam gebeurt tijdens de overgang én waarom afvallen in deze fase echt anders werkt dan daarvoor. Geen oordeel, geen crashdieet, maar een eerlijke blik en praktische handvatten waar je wél iets aan hebt.
Wat gebeurt er in je lijf tijdens de overgang?
De overgang is geen ziekte, maar een levensfase. En dat is goed om te onthouden. Tegelijkertijd betekent het wel dat er hormonale én lichamelijke veranderingen plaatsvinden die je dagelijks kunt voelen. Dit is wat er concreet gebeurt:
1. Je oestrogeen daalt
Oestrogeen is meer dan een ‘vrouwenhormoon’. Het speelt een rol in:
temperatuurregulatie (hallo opvliegers)
slaapkwaliteit (je slaapt lichter en bent meer wakker)
vetverdeling (minder op je benen, meer op je buik)
stofwisseling (je verbrandt minder calorieën in rust)
2. Je spiermassa neemt af
Vanaf je 40e verlies je elk jaar een beetje spiermassa. Spieren zijn je verbrandingsmotor. Minder spieren = minder energieverbruik = sneller aankomen (ook al eet je hetzelfde als vroeger).
3. Je vetverdeling verandert
Zelfs als je niet zwaarder wordt, verandert vaak wáár het vet gaat zitten. Dat buikje dat er ineens is? Dat komt deels door de afname van oestrogeen én de toename van stresshormonen zoals cortisol.
4. Je brein verandert ook mee
Je kunt emotioneler zijn, sneller prikkelbaar of last hebben van hersenmist. En raad eens wat veel vrouwen dan automatisch doen? Comfortfood, snacken, wijntje… helemaal logisch, maar het maakt het proces natuurlijk niet makkelijker.
Waarom afvallen ineens niet meer werkt zoals vroeger
Herken je dit?
- Je eet ‘gezonder dan ooit’ maar de weegschaal blijft stilstaan.
Je gaat meer bewegen, maar je buikomvang verandert niet.
Je valt 1 kilo af, maar komt er 2 weer aan na het weekend.
Dat ligt niet aan jou! De overgang vraagt om een andere aanpak dan calorieën tellen of minder eten. Vaak is dat zelfs precies wat het probleem versterkt. Want als je te weinig eet of te vaak ‘diëten’ hebt gevolgd, schakelt je lichaam over op spaarstand.
Dit is waarom afvallen moeilijker gaat:
Je verbranding is trager
Je hormonen fluctueren
Je lichaam houdt meer vet vast als stressrespons
Je hebt minder diepe slaap → meer hongerhormonen
En het is niet zo simpel als “gewoon meer bewegen”. Je hebt een andere strategie nodig.
Wat kun je wél doen? Praktische tips die werken
Goed nieuws: er is veel wat je zelf kunt doen. Geen extreme maatregelen, maar juist kleine aanpassingen die afgestemd zijn op je veranderende lijf.
1. Krachttraining boven cardio
Spiermassa opbouwen helpt je stofwisseling op gang te houden. Denk aan:
2x per week krachttraining (sportschool of thuis met weerstandsbanden)
Wandelen met een rugzak met extra gewicht (max 10% van je lichaamsgewicht)
Yoga of pilates voor core stability
📌 Spieren verbranden zelfs calorieën als je slaapt; dus houd ze fit!
2. Eet minder vaak, maar voedzamer
Eet 2-3 volwaardige maaltijden per dag
Vermijd ‘graasgedrag’ tussen de maaltijden door
Focus op onbewerkte producten: groenten, eiwitten, gezonde vetten
Vermijd lightproducten en kies volwaardig (zoals Griekse yoghurt i.p.v. magere kwark)
📌 Elke keer dat je eet, maak je insuline aan. Insuline = vetopslaghormoon.
3. Beperk stress en slaaptekort
Chronische stress verhoogt je cortisolspiegel. Dat zorgt voor meer vetopslag rond je buik. Combineer dat met slecht slapen en je hebt de perfecte storm voor gewichtstoename.
Wat helpt:
Elke dag 10 minuten ‘niks doen’
Ademhalingsoefeningen of mindfulness (bijv. de ‘gedachten-trein’)
Slaap in een koele, opgeruimde slaapkamer
Geen schermen 1 uur voor bed
4. Geef je brein iets nieuws om zich op te richten
Zingeving is vaak het vergeten puzzelstukje. Waar doe je het allemaal voor? Wat geeft je energie? Wat maakt dat je ’s ochtends uit bed komt, zelfs als je slecht hebt geslapen?
Je lichaam verandert. En dat mag. Maar je mag zelf ook meebewegen.
Laat je niet ontmoedigen als je lijf niet meer ‘doet wat het vroeger deed’. Dat betekent niet dat je faalt. Het betekent dat je lichaam je uitnodigt om op een nieuwe manier met haar samen te werken.
❤️ Zorg voor jezelf zoals je voor je beste vriendin zou zorgen.
Wil je meer weten over de overgang en wat je zelf kan doen om ermee om te gaan? In ons programma over de overgang helpen we je graag verder! Klik hier voor meer informatie


